Advies gemeenten
'JEZELF KUNNEN ZIJN WAAR JE WOONT'. BOUWSTENEN HOMOBELEID PRIMO nh (juni 2010)

Inleiding
1. Gemeentelijke informatie
2. Contact met belangenorganisaties
3. Gemeentelijke monitoren
4. Onderwijs
5. Openbare orde
6. WMO, Wonen, Zorg en Welzijn
7. Sport en Recreatie
8. Gemeentelijk personeelsbeleid
INLEIDING
10% tot 20% van de mannen in Nederland voelt zich wel eens of vaak aangetrokken tot een andere man, en 10% tot 25% van de vrouwen heeft wel eens of vaak gevoelens voor andere vrouwen. De percentages verschillen vanwege leeftijd, opleiding en stedelijkheid. Gaat het om homoseksuele of biseksuele gedragingen die iemand wel eens heeft gehad, dan zakken de percentages naar 10 tot 17% van de bevolking. Praten we over identiteit dan noemt 4 tot 7% van de Nederlandse bevolking zichzelf lesbisch, homoseksueel, biseksueel of transgender1. Dat is de kerngroep van de seksuele diversiteit. Het gaat in de dagelijkse omgang meestal om degenen die 'uit de kast' zijn.
gemeente
Wat doet de gemeente voor deze grote groep burgers die 'anders' zijn? In veel gevallen weinig. Het is in veel gevallen ook niet nodig. Met de meesten van hen gaat het prima. Toch blijkt uit een recent rapport van het Verwey-Jonker Instituut2 dat het openbaar bestuur het slechtste scoort als het om seksuele diversiteit op de eigen werkvloer gaat. Dat is verrassend. Een van de redenen blijkt te zijn dat de nog aanwezige problemen onderschat worden. We zijn snel geneigd te denken: 'sinds het homohuwelijk zijn er geen taboes en problemen meer'. In werkelijkheid ligt dat anders.
discriminatie
Ook in 2009 zijn er nog problemen, op school, op het sportveld, op straat, op het werk en soms ook in vriendengroepen of thuis. Veel voorkomende reacties op zichtbare of vermoede homoseksualiteit zijn links laten liggen, schelden, naroepen, kwetsende opmerkingen maken en iemands oriëntatie openlijk afkeuren. Ook fysiek geweld komt voor. Dat geweld was in 2008 ruim een kwart van de meldingen discriminatie bij de politie3. De Amsterdamse politie telde in 2009 dagelijks een eergerelateerd incident, waarvan 83 met fysiek geweld.4
schade
Het rapport van het Verwey-Jonker Instituut5 bevestigt dat de werkbeleving van homoseksuele mannen en vrouwen negatiever is dan die van hun collega's: meer stress, meer uitputtingsverschijnselen, meer ziekteverzuim. En interviews met lesbische en homoseksuele sporters uit 20086 laten zien dat sporters die hun seksuele identiteit kost wat kost verzwijgen slechter presteren. In de discussie rond de 10 zelfdodingen van West-Friese jongeren in de afgelopen zes jaar wordt het taboe op homo- en biseksuele gevoelens als factor genoemd7.
homobeleid
Omdat er meer problemen zijn en meer taboes bestaan dan je op het eerste gezicht zou denken, heeft PRIMO nh in 2009 van de provincie Noord-Holland de opdracht gekregen om gemeenten te ondersteunen bij het formuleren of uitvoeren van gemeentelijk homobeleid, 'jezelf kunnen zijn waar je woont'. Een van de vormen waarin wij dit doen is onderstaande lijst, die voor een belangrijk deel is gebaseerd op de derde Monitor gemeentelijk homo-emancipatiebeleid van MOVISIE8. Ze sluiten ook aan bij de kabinetsnota 'Gewoon homo zijn' (2007). Het waren punten voor de verkiezingsprogramma's met het oog op de nieuwe gemeenteraden (3 maart 2010). Ze kunnen ook van pas komen bij de collegeprogramma’s en bij het uitvoeren van het dagelijkse gemeentebeleid.
1. Gemeentelijke informatie
Vaak wordt ervan uitgegaan dat burgers zichzelf wel op de hoogte stellen als het om seksuele diversiteit gaat. In de praktijk blijkt er in veel gevallen nog een taboe op het thema te rusten. Het is daarom van belang dat de gemeente in de papieren en digitale gemeentegids verwijst naar groepen die met seksuele diversiteit te maken hebben. Het gaat daarbij om
- zelforganisaties van homoseksuele vrouwen, mannen, jongeren en ouderen in de eigen gemeente of regio (COC, praatgroepen, oudergroepen, roze afdelingen van vakbonden, leger en politie)
- om instanties die hun belangen kunnen behartigen (bureau discriminatiezaken, Schorer-stichting, stichting Orpheus)
- om instanties die zo nodig hulp kunnen bieden (maatschappelijk werk, GGD, GGZ)
- in gemeentelijke informatiepakketten voor nieuwkomers
- in de brochure van het loket wonen, welzijn, zorg
- en in de gemeentelijke bibliotheek.
2. Contact met zelforganisaties
Nog steeds zijn er beleidsambtenaren die geen serieus gesprek hebben gehad met een openlijk homoseksuele vrouw of man of transgender. Persoonlijk contact is echter de sleutel tot begrip van de situatie. Dat kan veranderen als
- de gemeente op politiek en ambtelijk niveau contact onderhoudt met de zelforganisaties van homo- en biseksuele mannen en vrouwen en transgenders, die in de gemeente, de regio of de provincie aanwezig zijn.
- ondersteuning worden gegeven bij huisvesting en bij professionalisering
- hulp worden geboden bij het aanvragen van subsidies.
3. Gemeentelijke monitoren
Staan we met onze kennis nog in de vorige eeuw? Zonder gegevens over de situatie en de wensen van jongeren, ouderen, mannen, vrouwen, allochtoon en autochtoon met een andere seksualiteit staat een beleidsmaker met lege handen. Het is daarom goed als in de monitoren, die eventueel in samenwerking met partners binnen de gemeente of de regio worden uitgevoerd, aandacht wordt gegeven aan homoseksualiteit.
- Zowel wat betreft de demografische gegevens (noemt iemand zichzelf homo- of biseksueel of transgender)
- als wat betreft mogelijke probleemvelden (bijv. ervaren intolerantie).
Bekend zijn de monitoren
- op het gebied van leefbaarheid en veiligheid
- op het gebied van gezondheid
- en op het gebied van jeugd en jongeren.
4. Onderwijs
Veel klachten over pesten, uitschelden, links laten liggen, bedreigen en fysiek geweld zijn afkomstig uit het onderwijs. Leerlingen, docenten en personeel komen niet uit de kast, of kruipen er weer in. De gemeente kan hiervoor haar verantwoordelijkheid nemen. Hieronder een paar mogelijkheden.
- Zij checkt of de laatste versie van het Convenant Veilige School (2009) wordt gebruikt; daarin wordt voor het eerst gesproken over discriminatie, verbale agressie en homoseksualiteit
- Zij overlegt jaarlijks, of naar aanleiding van een voorval, met de Inspectie van het Onderwijs over de veiligheid van de lokale of regionale onderwijsinstellingen, voor leerlingen en studenten met homoseksuele, biseksuele, lesbische of transgender gevoelens
- De verantwoordelijk wethouder vraagt schoolleiders persoonlijk naar de implementatie van beleid rond seksuele diversiteit in hun school..
5. Openbare orde
Vaak gaat het goed in uitgaansgelegenheden, in cruising gebieden, op school, op sportvelden en thuis, maar soms kan er sprake zijn van discriminatie en geweld tegenover homo- en biseksuele mannen, vrouwen en transgenders. De Bureaus Discriminatiezaken en de politiekorpsen houden de meldingen op dit gebied bij. In het Regionaal Discriminatie Overleg (RDO) wordt de lokale overheid hiervan in principe op de hoogte gehouden. Toch blijft het vaak bij woorden.
- Het is van belang dat de burgemeester een criminaliteitsbeeld opstelt over geweld op het terrein van seksuele diversiteit
- Hij of zij overlegt hiervoor met de lokale politieambtenaren en het Anti-Discriminatiebureau van de regio
- en maakt afspraken over een effectieve aanpak
- Hij of zij zorgt er ook voor dat er bij het politiekorps een lokale aandachtsfunctionaris voor seksuele diversiteit is.
6. WMO, Wonen, Zorg en Welzijn
‘Gewoon homo zijn’ heet de kabinetsnota uit 2007. Dat betekent dat het er niet toe zou moeten doen wat je seksuele gerichtheid is. Maar dan moet je er wel voor uit kunnen komen. De gemeentelijke overheid heeft een taak op dit gebied. De gemeente kan ervoor zorgen dat welzijnswerk en gezondheidszorg binnen de gemeente of de regio alert zijn op seksuele diversiteit. De WMO is een prima instrument om dit mogelijk te maken.
Praktische voorbeelden:
- Er komt een specifiek beleid bij de GGD voor homo's met Hiv en seksueel overdraagbare aandoeningen
- Ouderenadviseurs worden op de hoogte gesteld van de problematiek van ‘roze ouderen’
- Zij scheppen ontmoetingsfaciliteiten voor homoseksuele ouderen
- Het maatschappelijk werk biedt cursussen of gespreksgroepen aan op het gebied van homoseksualiteit
- Het informeert ook allochtone organisaties en vertelt waar zij met hun vragen over homoseksualiteit terecht kunnen
- Het buurt- en clubhuiswerk organiseert activiteiten met homoseksuele en lesbische jongeren.
7. Sport en Recreatie
‘Homo’ en ‘mietje’ lijken onschuldige kreten, maar het schelden op zogenaamd niet-mannelijk gedrag is op veel sportvelden erg populair. Ook in spreekkoren. Er wordt heel vaak achteraan gezegd, ‘dat het vriendschappelijk bedoeld is en tegen iedereen wordt gezegd’. Dat is niet altijd zo, en vermindert de afkeurende betekenis ook niet. Jongeren en ouderen met homoseksuele gevoelens worden daarom minder snel lid van sportverenigingen of staan er onder grote druk. Dat geldt het meest voor voetbal. Moet dat zo blijven? Er is zeker wat aan te doen:
- De gemeente gaat consequent een antidiscriminatie gedragscode binnen de sport hanteren
- Ze tekent met gesubsidieerde clubs de IJmondse Verklaring Gelijke Behandeling en Seksuele Diversiteit
- Zij zorgt er voor dat trainers en coaches in gemeentelijke sportaccommodaties pesten en uitschelden actief tegengaan, ook als het homoseksualiteit betreft
- Het gemeentebestuur laat een wedstrijd stoppen wanneer er sprake is van aanhoudende anti-homoseksuele spreekkoren.
8. Gemeentelijk personeelsbeleid
Het Openbaar bestuur scoort verrassend genoeg het slechtste van 12 onderzochte sectoren als het om vormen van homo-discriminatie op de werkvloer gaat (zie inleiding). 14% van de ondervraagden geeft aan dat er soms of regelmatig discriminatie vanwege seksuele geaardheid voorkomt. In de industrie is dat 10,5%, bij de banken 6,5%. De gemeentelijke werkvloer is dus van huis uit niet zo gunstig om homobeleid elders vorm te geven. Hoe kan je daar verandering in brengen?
- De gemeente gaat er voor zorgen dat homoseksualiteit in de eigen organisatie op positieve wijze zichtbaar wordt (artikeltje in het personeelsblad, aandacht voor een recent homohuwelijk)
- Pesten onder collega’s vanwege seksuele gerichtheid wordt nadrukkelijk bestreden
- Homoseksualiteit krijgt een duidelijke plek in het gemeentelijk personeelsbeleid
- In het werk van vertrouwenspersonen en klachtencommissies
- En in de (anonieme) tevredenheidsonderzoeken onder het personeel
- 'Roze' personeelorganisaties en vakbondsafdelingen worden ondersteund.
1. Het onderzoek is gehouden in 2006 onder mensen van 19 tot 69 jaar (website Rutgers-Nisso Groep, tabel prevalentie) |
Downloads als pdf
|
091011 Verklaring gelijke behandeling in de sport in de IJmond.pdf Size : 3.472 Kb Type : pdf |